Make your own free website on Tripod.com

Kanegem en Poeke (11,5 km)

Kanegem, deel van de Belgische gemeente en stad Tielt, prov. West-Vlaanderen, tot 1977 (1066 inw.) een zelfstandige gemeente, op de grens tussen Zandig en Zandlemig Vlaanderen.
Poeke, deel van de Belgische gem. Aalter, prov. Oost-Vlaanderen, tot 1977 (550 inw.) een zelfstandige gemeente, op de grens tussen Zandig Vlaanderen en Zandlemig Vlaanderen. Kerk met grafsteen uit 1373 en praalgraf uit 1642. Waterkasteel van Poeke (barokslot uit de 17de eeuw, in de 18de eeuw in classicistische stijl gewijzigd).

Wandel eerst even rond de mooie neobarokke St.-Bavokerk van Kanegem en vertrek dan aan de achterkant, richting Lotenhulle. Kanegem dorp gaat over in Oosthoekstraat. Net voorbij het bord dat de agglomeratie van Kanegem aangeeft, draaien we links de veldweg op. Rechts de Mevrouwmolen, een stenen stellingmolen uit 1844. Op het einde van ons pad volgen we het asfaltwegje naar rechts. Links zien we het indrukwekkende Kasteelhof van Hames en rechts een al even groot, modern landbouwbedrijf. We komen uit in de Mevrouwmolenstraat. Linksaf en een paar honderd meter verder, rechtsaf de Hernestraat in. In de verte zien we nog een molen, maar dat is voor later. We belanden in de Strichtensgoedstraat en gaan naar rechts. We passeren een boerderij aan onze rechterkant en zien dan links de oude hoeve Strichtensgoed, die omringd is door een ‘hofgracht’, met zwanen. Aan een volgende hoeve splitst het wegje. We volgen naar links en wandelen als het ware van hoeve naar hoeve.
We zijn nu in de Moremandestraat, die voorbij de Reigerbeekstraat overgaat in de Kanegemstraat. We lopen nu op de grens van West- en Oost-Vlaanderen.
Op de Y-splitsing, met links de Ter Ekenlaan, houden we rechts aan en volgen verder de Kanegemstraat, richting Poeke, waarvan we de kerktoren al zien staan. We wandelen nu in Oost-Vlaanderen.
Aan een witte kapel, tegen een huis aangebouwd, lopen we verder rechtdoor. Op het einde van deze weg, aan een kapelletje en een vijver, gaan we linksaf, richting Poeke. Aan de eerste huizen draaien we met ons wegje mee naar rechts. We wandelen nu door de Knokstraat, richting kerk van Poeke. Maar zover gaan we niet, want we draaien rechts de Middendreef in, voorbij een grote kapel en als de Middendreef, aan een pleintje, naar links draait, stappen wij rechtdoor en volgen het fietspad tot aan het kasteel van Poeke.
Het kasteel dateert uit de 17de eeuw, maar werd in de 18de en de 19de eeuw verbouwd. Het prachtige park is voor het publiek toegankelijk.
Tegenover het kasteel nemen we het asfaltwegje dat ons langs een boerderij naar de weg Vinkt-Kanegem brengt. Die steken we over en vervolgen onze weg rechtdoor. We nemen de eerste weg rechts, aan kleine, kronkelende betonweg. Onze weg, die de Reigerbeekstraat blijkt te heten, komt uit in de Artemeersstraat, die we naar links volgen, richting molen. We wandelen tot aan de Artemeersmolen, een stenen beltmolen uit 1810. Het is een bovenkruier, met houten balkon aan de straatzijde. Tegenover de molen, stappen we de Oosthoekstraat in. Deze straat volgen we altijd rechtdoor tot we op een splitsing met een pleintje en een kapel komen. Rechtsaf. En waar de Mevrouwmolenstraat begint, draaien we links en wandelen terug tot aan de kerk.

Bron: Kreo, maandblad van Vakantiegenoegens

Tielt [aardrijkskunde] 1, gemeente en stad in België, prov. West-Vlaanderen, hoofdplaats van het gelijknamige arrondissement, 68,50 km2, met 19!435 inw.
Tielt ligt op de grens tussen Zandig Vlaanderen en Zandlemig Vlaanderen, aan de Poekebeek. De kerngemeente Tielt is een kleinstedelijk verzorgingscentrum met uitgeverij en op twee industrieterreinen industrie (kunststoffen, textiel, metaalverwerkende nijverheid, meubelen). De overige deelgemeenten hebben vooral landbouw- en woonfunctie. Van de werkbevolking is 7,8% actief in de landbouw, 37,8% in de industrie, 50,2% in de dienstensector en 4,3% bedrijf onbekend.
1. Functies
Op en aan de Grote Markt: pittoresk belfort met aanpalende lakenhalle (ca. 1275; diverse malen gerestaureerd), met beiaard (1772 en 1959), en het stadhuis, deels ondergebracht in het door Margaretha van Constantinopel in 1220 gestichte klooster-gasthuis van de Alexianinnen (in 1954 herbouwd). De gotische St.-Pietershallenkerk (17de eeuw; herhaaldelijk gerestaureerd), met zeer spitse achthoekige toren (62 m hoog), bezit o.a. interessant rococomeubilair en fraaie glasramen. De gebouwen van het St.-Jozefcollege (reeds vermeld voor 1538) dateren uit de 17de eeuw. Kasteel van Ronceval.
2. Geschiedenis
In 1172 kreeg de stad het recht stadswallen en -muren te bouwen. In de 13de en 14de eeuw was er bloeiende lakennijverheid. In 1383 werd de stad echter door de Gentenaren platgebrand en ook onder de oorlogsverrichtingen van de 16de–18de eeuw had ze zwaar te lijden, waarna ze haar vroegere welstand niet kon herwinnen.
De huidige gemeente ontstond in 1977 door samenvoeging van de toen opgeheven gelijknamige gemeente met Aarsele, Kanegem en Schuiferskapelle.

Aalter, gemeente in België, prov. Oost-Vlaanderen, arr. Gent, 81,91 km2, met 16!200 inw.
De gem. Aalter ontstond begin 1977 door samenvoeging van de voormalige gelijknamige gemeente met Bellem, Lotenhulle en Poeke.
Aalter, gelegen op de grens tussen het Meetjesland en Bebost Vlaanderen, aan het Kanaal Brugge–Gent en de spoorlijn Oostende–Brussel, bezit gevarieerde industrie. Bellem, Lotenhulle en Poeke hebben vooral woonfunctie. Het aandeel van de landbouw in de werkgelegenheid (6887 personen in 1991) bedraagt 6,8%, van de industrie 34% en van de handel en diensten 54%; 4,5% bedrijf onbekend.
De plaats Aalter bezit een laat-gotische kerk (16de eeuw; 1905 vergroot), waarheen vermaarde St.-Corneliusbedevaart op de zondag na 16 september. In het recreatieoord Nobelstede staat het gelijknamige kasteel (1513; verbouwd ca. 1905). Het bos beslaat ruim 500 ha, m.n. het Kranepoelbos (restant van het Bulskampveld) en de Bossen van Maria-Aalter. In het gehucht Aalter Brug werd tussen 1952 en 1954 een urnenveld uit de late bronstijd en de vroege ijzertijd blootgelegd; voorts Romeinse vondsten. Kasteel van Poeke (17de–18de eeuw).